Gedeeltelijk ontslag, recht op gedeeltelijke transitievergoeding

lerares

Gedeeltelijk ontslag, recht op gedeeltelijke transitievergoeding

De Hoge Raad oordeelde recent dat een lerares bij Stichting Kolom, een stichting voor speciaal en regulier onderwijs, recht had op een gedeeltelijke transitievergoeding. De lerares raakte gedeeltelijk arbeidsongeschikt en sprak daarna met haar werkgever af dat zij nog 55% van de volledige werktijd zal werken.

De lerares is sinds 2013 arbeidsongeschikt. In 2015 vroeg zij een WIA-uitkering aan, die was toegekend vanwege een arbeidsongeschiktheidspercentage van bijna 44%. De voortzetting van de arbeidsovereenkomst van de lerares voor 55% zou op grond van de CAO gebeuren door middel van een ontslag, direct gevolgd door een nieuwe benoeming. De lerares ontving van Stichting Kolom een Akte van Ontslag en een Akte van Benoeming.

De werknemer heeft vervolgens toekenning van de transitievergoeding (EUR 76.000,–) of gedeeltelijke transitievergoeding (EUR 33.394,40) verzocht. De kantonrechter heeft de gedeeltelijke transitievergoeding toegekend.

Het hof heeft de beschikking van de kantonrechter vernietigd en het verzoek van de lerares op de toekenning van een transitievergoeding afgewezen. Het hof oordeelde dat de brief van Stichting Kolom met de Akte van Ontslag en de Akte van Benoeming niet is aan te merken als een gedeeltelijke opzegging: de omzetting van het dienstverband naar een dienstverband met minder uren betreft géén gedeeltelijk einde aan de arbeidsovereenkomst.

De Hoge Raad vernietigde de beschikking van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat door het gebruik van de Akte van Ontslag sprake was van een ontslag. Hierbij was van belang dat in de brief die Stichting Kolom stuurde aan de lerares de volgende woorden stonden: “ontslagbescherming”, “beëindigd” en “opzegtermijn”.

De wettelijke regelingen van de arbeidsovereenkomst kennen alleen een gehele ontbinding van de arbeidsovereenkomst en niet gedeeltelijke ontbinding. De Hoge Raad vult hier een leemte in de wet op, nu hij van mening is dat een gedeeltelijk ontslag en daarmee een gedeeltelijke transitievergoeding mogelijk is. Dit is alleen mogelijk in bijzondere gevallen, zoals het gedeeltelijk vervallen van arbeidsplaatsen door een reorganisatie of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid van de werknemer.

De Hoge Raad overwoog dat door een vermindering van de uren de werknemer een deel van de transitievergoeding zou mislopen, omdat deze in de toekomst dan zou worden berekend aan de hand van een lager salaris. Dit dient niet voor rekening van de werknemer te komen.

Er is sprake van een gedeeltelijke beëindiging van de arbeidsovereenkomst bij een vermindering in arbeidsduur in de vorm van:

  • gedeeltelijke beëindiging;
  • ontslag gevolgd door een nieuwe, aangepaste arbeidsovereenkomst;
  • aanpassing van de arbeidsovereenkomst.

 

Er moet daarnaast sprake zijn van een substantiële en structurele vermindering van de arbeidsovereenkomst. Het moet gaan om een vermindering van ten minste 20% die naar redelijke verwachting blijvend is.

Voor de gehele uitspraak klik hier.

Vragen over het bovenstaande? Neem dan contact op met één van de arbeidsrechtadvocaten van Sørensen Advocaten. Bel: 010-2492444

 

Yvonne Sørensen
sorensen@sorensenadvocaten.nl