Inhoud ontslagbrief doorslaggevend voor rechtsgeldig ontslag

Inhoud ontslagbrief doorslaggevend voor rechtsgeldig ontslag

Inhoud ontslagbrief doorslaggevend voor rechtsgeldig ontslag

De werkgever mag de werknemer op staande voet ontslaan als hij hier een dringende reden voor heeft. In artikel 7:677 lid 1 BW staan de voorwaarden voor een ontslag op staande voet, te weten: een dringende reden, een onverwijlde opzegging en onverwijlde mededeling aan de werknemer. Dringende redenen zijn bijvoorbeeld: diefstal of het zonder toestemming van de werkgever eerder op vakantie gaan (Rechtbank Rotterdam 27 januari 2021). Een onverwijlde opzegging houdt in dat er in principe slechts enkele dagen mogen zitten tussen de ontdekking van de dringende reden door de werkgever en het daadwerkelijke ontslag. Het is van groot belang dat deze reden goed omschreven staat in de ontslag op staande voet brief.

De dringende reden zal uiteindelijk in een procedure moeten worden bewezen door de werkgever. Als er bijvoorbeeld een strafrechtelijke term wordt genoemd, zoals diefstal, moet in principe de strafrechtelijke definitie (artikel 310 Wetboek van Strafrecht) worden bewezen. Indien er meerdere redenen worden aangegeven voor het ontslag, is het belangrijk dat deze redenen niet alleen in onderlinge samenhang, maar ook afzonderlijk een reden voor ontslag op staande voet kunnen opleveren.

Dat de ontslagbrief de lading niet dekt, gebeurt in de praktijk regelmatig. Zo oordeelde de Rechtbank Overijssel dat de term ‘gevoelige bedrijfsinformatie’ niet volstond. In deze zaak had de werknemer een foto gemaakt van een tekst die zij aantrof in het kantoor van haar werkgever. In de tekst stond dat de zus van de werknemer positief was getest op Covid-19 nadat zij buiten werktijd een slaapfeestje had gehad met collega’s. Deze tekst was volgens de rechtbank niet zonder meer aan te merken als bedrijfsgevoelig, waardoor de werknemer niet rechtsgeldig op staande voet was ontslagen (Rechtbank Overijssel 11 juni 2021).

In een andere zaak oordeelde de Rechtbank Rotterdam dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig was gegeven, omdat niet alle feiten konden worden bewezen (Rechtbank Rotterdam 31 maart 2021). De werknemer in deze zaak was op staande voet ontslagen wegens diefstal van morfinepleisters en mishandeling van een bewoonster. De werknemer had de morfinepleisters van een bewoonster niet vervangen en deze in haar eigen zak gestoken. Hierdoor was mogelijk sprake van diefstal, maar niet van mishandeling nu de bewoonster geen letsel had opgelopen. De werkgever had in de ontslagbrief niet gesteld dat het meenemen van de morfinepleisters op zichzelf al kwalificeert als een dringende reden. Hierdoor was niet voldaan aan beide dringende redenen (diefstal en mishandeling) en het ontslag was niet rechtsgeldig.

Uit de bovengenoemde uitspraken blijkt hoe belangrijk de inhoud van een ontslagbrief is.

Vragen over het bovenstaande? Neem dan contact op met één van de arbeidsrechtadvocaten van Sørensen Advocaten. Bel: 010-2492444[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Yvonne Sørensen
sorensen@sorensenadvocaten.nl