NOW en ontslag werknemers

NOW en ontslag werknemers

Van de werkgever die gebruik maakt van de NOW wordt verlangd dat hij in de periode van 18 maart t/m 31 mei 2020, geen ontslagaanvraag wegens bedrijfseconomische redenen indient bij het UWV. Wel is het mogelijk om een arbeidsovereenkomst te beëindigen vanwege een andere ontslaggrond (bijvoorbeeld disfunctioneren of verwijtbaar handelen) of tijdens de proeftijd. Daarnaast is het mogelijk om een arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden te beëindigen (vaststellingsovereenkomst) of om een tijdelijk arbeidscontract niet te verlengen.

Wat als u toch werknemers ontslaat vanwege bedrijfseconomische redenen?
Het doel van de NOW is om ontslag zo veel mogelijk te voorkomen. Het UWV zal bij ontslagaanvragen de NOW meewegen. Dat betekent dat de werkgever bij een ontslagaanvraag wegens bedrijfseconomische redenen aannemelijk moet maken dat ontslag niet kan worden voorkomen door een beroep op de NOW te doen en waarom niet. Als de werkgever dit niet voldoende aannemelijk kan maken wijst het UWV de ontslagaanvraag af.

Als de werkgever toch een ontslagaanvraag wegens bedrijfseconomische redenen indient, neemt het UWV contact op met de werkgever om hem te wijzen op de NOW en de werkgever een termijn van enkele dagen te geven waarbinnen hij de ontslagaanvraag kan intrekken. Indien de werkgever de aanvraag niet of te laat intrekt, heeft dit gevolgen voor de hoogte van de tegemoetkoming. Hierbij is niet van belang of het UWV de ontslagaanvraag uiteindelijk toe- of afwijst.

Bij de vaststelling van de NOW-subsidie wordt vastgesteld wat het loon is van de werknemer(s) voor wie ontslag is aangevraagd. Dit loon wordt vervolgens verhoogd met 50%. Dit loon van de ontslagen werknemers plus de vermeerdering van 50% wordt in mindering gebracht op de totale loonsom waarop de uiteindelijke hoogte van de subsidie wordt gebaseerd. Door de duur van de ontslagprocedure en de (na de verkregen toestemming) in acht te nemen opzegtermijn leidt een ontslagaanvraag veelal pas na mei 2020 tot een einde van het dienstverband. Dit betekent dat de werkgever het loon van de werknemers voor wie ontslag is aangevraagd wel moet betalen, maar dat het loon van deze werknemers vermeerderd met 50% in mindering wordt gebracht op de totale loonsom waarop de uiteindelijke hoogte van de NOW-subsidie wordt gebaseerd.

Het is goed om met deze boete van 50% van het UWV rekening te houden bij de onderhandelingen met de werknemers waarvoor de ontslagaanvraag is ingediend. Deze kosten bent u immers sowieso kwijt aan het UWV (deze extra 50% wordt in mindering gebracht op de NOW-subsidie die de werkgever ontvangt). Het is sterk aan te raden om met de werknemers een beëindigingsregeling te treffen gedurende de periode waarin de ontslagaanvraag bij het UWV kan worden ingetrokken. Zo wordt de boete van 50% voorkomen.

Wat als u werknemers ontslaat vanwege andere redenen?
Zoals reeds genoemd mag een werknemer wel worden ontslagen op een andere grond dan bedrijfseconomische redenen en hoeven tijdelijke contracten niet te worden verlengd. Ook dit kan leiden tot een lagere NOW-subsidie. Dit is het geval als door het ontslag de gemiddelde loonsom in de periode 1 maart t/m 31 mei 2020 lager zou worden dan de loonsom over januari 2020. In dat geval geldt de sanctie van 50% niet, maar er wordt geen subsidie uitgekeerd met betrekking tot het loon van de werknemers waarvan het contract niet is verlengd of waarvan het contract wegens een niet bedrijfseconomische reden is beëindigd gedurende de NOW-subsidieaanvraagperiode.

Voor de NOW-regeling klik hier.

Voor de toelichting klik hier.

Vragen over het bovenstaande? Neem dan contact op met één van de arbeidsrechtadvocaten van Sørensen Advocaten. Bel: 010-2492444

 

Karlijn Kapel
kapel@sorensenadvocaten.nl