Schending meldplicht rechtvaardig ontslag op staande voet

pizieno ai generated 8659303 scaled

Schending meldplicht rechtvaardig ontslag op staande voet

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 23 maart 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:1714

Feiten

Werkneemster was sinds 7 februari 2000 in dienst als docent bij een scholengemeenschap. Haar kinderen, waaronder haar dochter, waren gedurende die periode leerlingen op dezelfde school. Sinds 2017/2018 had werkneemster een relatie met een collega-docent, zonder dit aan school te melden.

In maart 2024 vertelde haar dochter dat zij een (seksuele) relatie had met deze collega-docent. Werkneemster beëindigde daarop haar eigen relatie met hem en ging ervan uit dat ook de relatie tussen haar dochter en de collega-docent was beëindigd. Zij heeft hiervan geen melding gemaakt bij de school.

Op 9 maart 2025 ontdekt werkneemster dat de relatie tussen haar dochter en de collega-docent nog steeds bestond. De collega-docent meldde dit op 10 maart 2025 aan de schoolleiding en werd vervolgens op staande voet ontslagen. Tijdens een gesprek op 17 maart 2025 bevestigde werkneemster dat zij al sinds 2024 op de hoogte was van de relatie. Diezelfde dag werd ook zij op staande voet ontslagen, omdat zij deze informatie direct had moeten melden aan de schoolleiding. De gedragingen vormen dan ook een dringende reden als bedoeld in art. 7:677 BW die het ontslag op staande voet rechtvaardigen.

De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet van werkneemster ten onrechte was gegeven wegens het feit dat de meldplicht in dit geval mocht wijken voor het belang van de dochter. Werkneemster kwam een schadevergoeding en transitievergoeding toe. De scholengemeenschap ging in hoger beroep. Werkneemster stelde incidenteel hoger beroep in en verzocht alsnog om toekenning van een billijke vergoeding.

 

Oordeel

Het hof oordeelt dat op werkneemster een duidelijke meldplicht rustte. Die meldplicht volgde niet alleen uit de interne omgangs- en integriteitscode van de school, maar ook uit artikel 3.39 lid 3 WVO 2020. Volgens het hof had werkneemster al in maart 2024 melding moeten maken van de relatie tussen haar minderjarige dochter en de collega-docent.

Dat werkneemster zich in een moeilijke positie bevond als moeder van de betrokken leerling, maakt dit volgens het hof niet anders. Alleen in uitzonderlijke overmachtssituaties kan een rechtvaardiging bestaan om niet direct aan de meldplicht te voldoen. Daarvan was hier uiteindelijk geen sprake. Het hof weegt daarbij mee dat werkneemster lange tijd geen melding heeft gedaan, terwijl zij wel weer haar werkzaamheden hervatte en bleef samenwerken met de betrokken collega, onder meer in de voorbereiding van een schoolreis met minderjarige leerlingen.

Ook het verweer dat het ontslag niet onverwijld zou zijn gegeven, slaagt niet. Volgens het hof mocht de school wachten met het horen van werkneemster totdat zij was teruggekeerd van de schoolreis, mede gelet op de organisatorische omstandigheden en de noodzaak van een zorgvuldige besluitvorming.

Het hof vernietigd daarom de beschikking van de kantonrechter en verklaart het ontslag op staande voet rechtsgeldig. Werkneemster heeft geen recht op een gefixeerde schadevergoeding, transitievergoeding of billijke vergoeding en moet de al ontvangen bedragen terugbetalen.

 

Wat betekent dit voor werkgevers?

Deze uitspraak laat zien dat de meldplicht in het onderwijs zeer zwaar weegt, zeker wanneer sprake is van signalen van seksueel grensoverschrijdend gedrag of een relatie tussen een werknemer en een minderjarige leerling. Werkgevers in het onderwijs mogen aan werknemers hoge eisen stellen, mede vanuit hun verantwoordelijkheid om een veilige leeromgeving te waarborgen.

Ook blijkt uit deze uitspraak het belang van een duidelijke gedragscode en integriteitsregeling, waarin meldplichten expliciet zijn opgenomen. Daarnaast volgt uit het arrest dat van werknemers (in het onderwijs) een actieve en zelfstandige verantwoordelijkheid mag worden verwacht bij het melden van ernstige integriteitskwesties. Schending van die meldplicht kan, afhankelijk van de omstandigheden van het geval, een dringende reden voor ontslag op staande voet opleveren.

Heeft u vragen over ontslag op staande voet? Bel één van onze arbeidsrechtadvocaten.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Yvonne Sørensen
sorensen@sorensenadvocaten.nl