Vakantiedagen vervallen ondanks ziekte

Vakantiedagen vervallen ondanks ziekte

Vakantiedagen vervallen ondanks ziekte

In dit arrest van het hof gaat het om de vraag of de werkneemster ondanks ziekte, toch in staat is geweest haar vakantiedagen op te nemen. Volgens het hof was dit het geval en dus zijn de meeste vakantiedagen komen te vervallen.

Feiten

De werkneemster was in dienst in de functie Sectormanager. Eind juni 2017 wordt aan de werkneemster medegedeeld dat haar functie per 1 juli 2017 zal komen te vervallen. Ze zal vanaf die datum met betaald verlof gaan. Enkele maanden later raakt de werkneemster arbeidsongeschikt tot april 2019. De kantonrechter heeft haar arbeidsovereenkomst per 1 juli 2019 ontbonden. De werkneemster heeft uitbetaling van vakantiedagen gevorderd over de jaren 2016 – 2019. Zij stelt dat ze deze dagen door ziekte niet heeft kunnen opnemen. De kantonrechter heeft haar vordering afgewezen. In hoger beroep komt de werkneemster op tegen dit oordeel.

Uitspraak

Artikel 7:641 BW bepaalt dat een werknemer bij het einde van de arbeidsoverkomst, recht heeft op uitbetaling van de nog openstaande vakantiedagen. De vraag was of de vakantiedagen van de werkneemster zijn vervallen. De vervaltermijnen staat wettelijk geregeld in artikel 7:640a (zes maanden voor wettelijke vakantiedagen) en artikel 7:642 BW (vijf jaar voor bovenwettelijke vakantiedagen). Indien beroep wordt gedaan op deze wettelijke vervaltermijnen en bovendien vaststaat op welke datum de termijn is aangevangen, dan is het vervolgens aan de rechter om vast te stellen wanneer deze termijn afloopt.

De vervaltermijn is aangevangen op 31 december 2018 en eindigt zes maanden daarna, dus op 1 juli 2019. Aangezien de werkneemster haar laatste dag op 30 juni 2019 had, moet de vergoeding voor deze dagen in de eindrekening worden meegenomen. Haar vakantiedagen over 2018 worden door het hof dus toegewezen.

Dit is anders voor de vakantiedagen van 2016. De vervaldatum van die vakantiedagen was 1 juli 2019 en de werkneemster was toen niet ziek. Haar vakantiedagen over 2016 zijn om die reden komen te vervallen. Werkneemster had deze dagen op kunnen nemen tussen 1 april 2019 en 1 juli 2019.

Ook de vakantiedagen van 2017 zijn komen te vervallen. Deze vakantiedagen zouden op 1 juli 2018 vervallen, tenzij de werkneemster tot die datum redelijkerwijs niet in staat was geweest om vakantie op te nemen. Uit het medisch rapport van werkneemster tot 1 juli 2018 blijkt nergens dat dit het geval is. In de periode vanaf de eerste verzuimdag (26 oktober 2017) tot juli 2018, was de werkneemster slechts gedeeltelijk arbeidsongeschiktheid. Bovendien gold de arbeidsongeschiktheid vooral voor de eigen werkplek en werkgever. Zij heeft onvoldoende aangedragen dat ze niet in staat was om in deze periode haar vakantie te benutten.

Opgemerkt dient te worden dat de werkgever steeds aan zijn mededelingsplicht heeft voldaan. Hij heeft de werkneemster voldoende op de hoogte gebracht van het verval van de vakantiedagen. Had hij dit niet gedaan, dan had zij hier nog wel recht op kunnen hebben. Zie in dat kader bijvoorbeeld de zaak Max-Planck.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Vragen over het bovenstaande?

Neem dan contact op met één van de arbeidsrechtadvocaten van Sørensen Advocaten. Bel: 010-2492444

Yvonne Sørensen
sorensen@sorensenadvocaten.nl